Ik schuifelde onlangs weer eens wat door de keuken om ingrediënten bij elkaar te scharrelen. Eigenlijk mag je het geen ingrediënten noemen. Het middelste kind had gekozen en het was niet bepaald schijf-van-vijf-waardig. Tomatensoep uit een zak en van die smerige stokbroden waar de kruidenboter al tussen geprepareerd zit.

Gemak dient de mens. Niet per se de darmflora.
Verplichting
Toen wij op een dag besloten dat een gezin stichten een goed idee was, had ik deze verplichting niet goed overzien. Werkelijk iedere dag moet er in principe iets voedzaams en eetbaars geproduceerd worden tussen de klok van vijf en zeven. Waar ik, voordat ik de verantwoordelijkheid droeg voor een groepje nageslacht, nog weleens genoegen nam met een boterham, kom ik daar tegenwoordig toch niet goed meer mee weg.
Al bij het eerste ochtendgloren dient het gesprek rondom de culinaire bijeenkomst van deze avond zich aan. ‘Wat eten we vanavond?’ Nog voor mijn eerste koffie, voordat ik nu.nl heb nageslagen op wereldleed en überhaupt voordat mijn lippen een normale volzin kunnen uitbrengen, word ik geacht hier een passend antwoord op te formuleren. Meestal is dit overigens gewoon ‘dat weet ik niet’. Maar ze blijven het toch proberen.
Dag in, dag uit.
De obsessie met het avondeten van mijn kinderen is ook totaal ongegrond. Want meestal staat het resultaat van mijn kokkerellerij ze totaal niet aan. Als het eten niet in drie vakjes te verdelen is en het niet met één van de vier oersaaie bekende groenten wordt gepresenteerd, kan het veelal niemands goedkeuring wegdragen.
Smaakexplosies
Maar toen ik zaterdagochtend de vraag kreeg, die ik meestal met rollende ogen en zo ontwijkend mogelijk beantwoord, kon ik glunderend zeggen dat ik weliswaar geen idee had wat er voor hen op het menu stond, maar ik ging lekker luxe uit eten. Het contrast tussen mijn dagelijkse werkelijkheid en deze ervaring was dan ook zo groot, dat ik er wel over moest schrijven.
Van onder tot boven in de watten gelegd worden bij een fine dining restaurant raad ik iedereen aan die wat euro’s kan missen of iets te vieren heeft. Wij gingen ter ere van een verjaardag. Daar zat ik dan: geen jammerende bloedjes, die minutieus de mooi opgemaakte gerechtjes zaten te ontleden, met hele smerige uitdrukkingen op hun anders zo poezelige gezichtjes. Maar wel een onbehoorlijk luxueuze overdaad aan smaakexplosies. Het serviesgoed was ook veel mooier dan onze Ikea borden trouwens.
Croissantjes
En dan nog even over de huissommelier. Poeh poeh, nou nou, die kon leuk vertellen hoor. En ook als je geen wijn drinkt, omdat er nou eenmaal iemand de BOB moet zijn, was het bij deze man goed toeven. Het alcoholvrije arrangement had misschien nog wel meer zijn hart gestolen dan de wijn en de liefde voor het vak spatte er dan ook van af.
Het gezelschap aan tafel begon zich op een zeker moment serieus af te vragen of hij misschien ook croissantjes serveert ‘s ochtends. I rest my case.
Bij thuiskomst kreeg ik de vanzelfsprekende vraag: wat heb je gegeten? Nou, in alle eerlijkheid, ik kon het echt niet navertellen. En ik had dus niet eens gedronken. Maar wat een feestje was het voor alle betrokken zintuigen.
Met verve
Voor de afwisseling heel aardig. Zeker als je de volgende dag weer aardappelschijfjes staat om te scheppen voor bij de gekookte bloemkool en de vegetarische kipschnitzel. ‘Yes! We eten dit!’, concluderen mijn kinderen tevreden. Voedsel in drie vakjes en er kan lekker mayonaise bij. Vinden ze fijn.
De sommelier denk ik er zelf wel bij, terwijl ik mezelf nog eens bijschenk. Of zo’n gezellige ober die komt uitleggen wat voor speciale aardappel dit wel niet is en uit welke exotische ingrediënten dit namaak kippenvlees is samengesteld. Met passie. En verve. Eigenlijk is dat misschien het enige dat mist tijdens ons avondeten.
Een leuke ober.






